Stikstofdepositie is het begrip waar de hele Nederlandse stikstofdiscussie om draait, en tegelijk een woord dat weinig mensen kunnen uitleggen. Toch bepaalt het of uw bouwplan, stal of fabriek een vergunning krijgt. In dit artikel leggen wij in gewone taal uit wat stikstofdepositie is, waar de stikstof vandaan komt, waarom het een probleem is voor de natuur, hoe het wordt berekend en wat dat betekent voor uw project. Wilt u daarna dieper de materie in, dan vindt u in onze kennisbank over stikstofonderzoek de vervolgstappen.

Wat is stikstofdepositie?

Stikstof is op zichzelf onschuldig: bijna tachtig procent van de lucht die u inademt bestaat eruit. Het probleem zit in twee verbindingen van stikstof die door menselijk handelen in de lucht komen: stikstofoxiden, vooral uit verbranding in motoren en installaties, en ammoniak, vooral uit mest. Die stoffen blijven niet in de lucht hangen. Ze slaan neer op de bodem en op planten, met de regen of als droge deeltjes. Dat neerslaan heet depositie. Stikstofdepositie is dus de hoeveelheid stikstof die vanuit de lucht op een stuk grond terechtkomt.

De hoeveelheid wordt uitgedrukt in mol stikstof per hectare per jaar. Een mol is een vaste hoeveelheid stof, een hectare een oppervlakte van honderd bij honderd meter. Het getal zegt dus hoeveel stikstof er in een jaar op elk stukje grond van die grootte neerkomt. Voor de meeste natuurgebieden in Nederland ligt de totale depositie ver boven wat de natuur aankan, en dat is de reden dat elke nieuwe bijdrage, hoe klein ook, onder de loep wordt genomen.

Waar komt de stikstof vandaan?

De stikstof die in Nederland neerslaat komt uit een aantal grote bronnen. De landbouw is de grootste, vooral via ammoniak uit mest in stallen en op het land. Daarna volgen het wegverkeer en de scheepvaart, met stikstofoxiden uit motoren. De industrie en de energiesector dragen bij via verbrandingsinstallaties. Ook huishoudens tellen mee, door verwarming en autogebruik. Een aanzienlijk deel van de depositie waait bovendien uit het buitenland over, net zoals Nederlandse stikstof in buurlanden neerslaat.

De bouw is als sector geen grote bron, maar bouwprojecten tellen wel degelijk mee. Graafmachines, kranen, generatoren en het vrachtverkeer van en naar de bouwplaats stoten stikstofoxiden uit. Omdat een bouwplaats vaak dichtbij een natuurgebied kan liggen en de uitstoot geconcentreerd is, kan de bijdrage van een enkel project lokaal toch merkbaar zijn. Daarom moet ook de bouwfase van een project worden doorgerekend.

Waarom is stikstofdepositie een probleem voor Natura 2000-gebieden?

Stikstof werkt als meststof. Op een akker is dat gewenst, in de natuur niet. Veel Nederlandse natuurgebieden, zoals heide, duinen, vennen en hoogveen, zijn juist waardevol omdat de bodem er arm is aan voedingsstoffen. Op zo’n arme bodem groeien bijzondere planten die elders worden verdrongen. Komt er extra stikstof bij, dan groeien grassen en brandnetels sneller en verdringen ze de kwetsbare soorten. De bodem verzuurt bovendien, waardoor mineralen uitspoelen en bomen en planten verzwakken. Met de planten verdwijnen ook de insecten en vogels die ervan afhankelijk zijn.

Natura 2000-gebieden zijn de natuurgebieden die Nederland volgens Europese afspraken moet beschermen. Voor elk gebied is vastgelegd welke natuurtypen er voorkomen en hoeveel stikstof die aankunnen: de kritische depositiewaarde. In het grootste deel van deze gebieden wordt die waarde nu al overschreden. Wat stikstof precies met de natuur doet en waarom dat zo moeilijk te herstellen is, leest u in ons artikel Wat doet stikstof met de natuur?.

Hoe wordt stikstofdepositie berekend?

De depositie van een individueel project kunt u niet meten: de bijdrage van één bouwplaats gaat op in de totale neerslag die er al is. Daarom wordt hij berekend, met een rekenmodel dat de overheid voorschrijft: AERIUS Calculator. U voert in wat uw project uitstoot en waar die uitstoot plaatsvindt. Het model rekent uit hoe die stikstof zich door de lucht verspreidt en hoeveel er op elk natuurgebied in de omgeving neerslaat, rekening houdend met afstand, weer en terrein.

De uitkomst is een getal per natuurgebied, in mol per hectare per jaar, afgerond op twee decimalen. De grens die telt is 0,00. Is de bijdrage van uw project op een overbelast gebied hoger dan 0,00, dan is er sprake van een toename en heeft u in beginsel een natuurvergunning nodig. Hoe het rekenprogramma werkt, wat u zelf kunt invoeren en waar het vaak misgaat, leggen we uit op onze pagina over de AERIUS-berekening.

Wat betekent dit voor uw bouw- of uitbreidingsplan?

Voor u als initiatiefnemer komt het hierop neer: bij vrijwel elk project met uitstoot moet met een stikstofberekening worden aangetoond wat de depositie is. Komt die op 0,00 uit, dan is het onderdeel stikstof daarmee afgerond en kan de vergunningaanvraag verder. Dat is bij veel woningbouw en kleinere verbouwingen op afstand van natuurgebieden het geval.

Komt er een toename uit, dan zijn er oplossingen. De uitstoot kan vaak omlaag met schoner materieel of een andere planning. Bestaande uitstoot op uw eigen locatie kan onder voorwaarden worden weggestreept tegen de nieuwe situatie, wat intern salderen heet. En in sommige gevallen is een Wnb-vergunning met een uitgebreidere onderbouwing de aangewezen route. Hoe eerder u de berekening laat maken, hoe meer van deze opties nog open staan.

Veelgestelde vragen

Is stikstofdepositie hetzelfde als stikstofuitstoot?

Nee. Uitstoot (emissie) is wat er uit een schoorsteen, uitlaat of stal de lucht in gaat. Depositie is wat daarvan uiteindelijk ergens neerslaat. Tussen die twee zit de verspreiding door de lucht: een deel van de uitstoot slaat dichtbij neer, een deel ver weg en een deel wordt afgebroken. De vergunningregels gaan over depositie op natuurgebieden, niet over uitstoot als zodanig.

Geldt de grens van 0,00 mol voor elk project?

Ja, voor de vraag of er een toename is geldt overal dezelfde afronding op twee decimalen. Of die toename ook echt een probleem is, hangt af van het natuurgebied: alleen op natuurtypen die gevoelig zijn voor stikstof en al overbelast zijn, leidt een toename tot een vergunningplicht. Het rekenprogramma houdt daar automatisch rekening mee.

Hoe lang duurt een berekening?

Als de gegevens compleet zijn aangeleverd, leveren wij het rapport binnen 7 dagen. De doorlooptijd zit meestal in het verzamelen van de invoer: welk materieel wordt ingezet, hoeveel verkeer er komt en hoe lang de bouw duurt. Wilt u weten wat de stikstofdepositie van uw project is? Neem contact met ons op, dan sturen wij u een checklist van wat we nodig hebben.